Lenteakkoord. De fiscale regels met betrekking tot mobiliteit.

In de op 25 mei 2012 aan de Tweede Kamer aangeboden Voorjaarsnota 2012 zijn de uitgewerkte plannen uit het Lenteakkoord opgenomen. Voor de fiscale regels met betrekking tot mobiliteit betekent dit het volgende.

In de op 25 mei 2012 aan de Tweede Kamer aangeboden Voorjaarsnota 2012 zijn de uitgewerkte plannen uit het Lenteakkoord opgenomen.
Voor de fiscale regels met betrekking tot mobiliteit betekent dit het volgende.

Reiskostenvergoedingen

Met ingang van 1 januari 2013 kunnen de reiskostenvergoedingen voor het woon-werkverkeer niet meer onbelast worden verstrekt. Dit geldt ongeacht de wijze van vervoer: dus zowel voor auto, openbaar vervoer als fiets.

De vergoeding voor de zakelijke reizen, eveneens voor alle vervoerswijzen, kan in 2013 nog wel onbelast worden vergoed, de huidige regeling van 19 eurocent per kilometer blijft voor die maatregelen gehandhaafd.

Met ingang van 1 januari 2014 wordt het budgettaire beslag (600 miljoen euro) van de onbelaste reiskostenvergoeding voor zakelijke reizen toegevoegd aan de vrije ruimte van de werkkostenregeling. Het percentage van de werkkostenregeling gaat van 1,4% in 2012 naar 1,6% in 2013 en loopt op naar 2,1% vanaf 2014.

Vanaf 1 januari 2014 vervalt dan de gerichte vrijstelling van 19 eurocent per kilometer. De vergoeding van de zakelijke reizen kan dan – voor zover daarbinnen nog ruimte beschikbaar is – plaatsvinden binnen de vrije ruimte van de werkkostenregeling.

Bijtelling privégebruik auto van de zaak

Met ingang van 1 januari 2013 worden de woon-werkkilometers die worden gemaakt met de door de werkgever ter beschikking gestelde auto (de auto van de zaak of de leaseauto) aangemerkt als privékilometers. De tegenbewijsregeling bij een jaarlijks privégebruik van maximaal 500 kilometer wordt daarmee moeilijker toepasbaar.

Overgangsregeling

OV-abonnementen (trein, tram, bus, metro) die vóór 25 mei 2012 zijn ingegaan worden gerespecteerd voor hun gehele (resterende) looptijd. Hierdoor blijven de woon-werkkilometers die met dat abonnement worden afgelegd, onbelast.

Ten aanzien van het overgangsrecht voor de bijtelling is in de voorjaarsnota alleen een passage opgenomen voor leaseauto’s. De overgangsregeling “heeft alleen betrekking op leasecontracten die zijn aangegaan vóór 25 mei 2012 en op mensen die nu geen of minder dan 500 privékilometers per jaar maken met hun leaseauto”, zo staat er letterlijk. Het overgangsrecht geldt gedurende de looptijd van het leasecontract maar eindigt op uiterlijk 1 januari 2017.

De berijders worden niet volledig ontzien, maar gaan 25% van de eigenlijk verschuldigde bijtelling betalen, dat wil zeggen 25% van 25%, 25% van 20% of 25% van 14%, afhankelijk van de zuinigheidscategorie van de auto.

Deze overgangsregeling geldt overigens alleen indien de auto alleen voor zakelijk verkeer en woon-werkverkeer wordt gebruikt en het overige privégebruik beperkt wordt tot maximaal 500 km per jaar. Stijgt het overige privégebruik tot boven de 500 km per jaar, dan is voor die auto de volledige bijtelling verschuldigd. Ook bij het aangaan van een nieuw leasecontract of verlenging van het bestaande contract gaat het normale bijtellingsregime gelden.

De opbrengst van dit overgangsrecht kan volgens de Voorjaarsnota worden ingezet ten behoeve van een oplossing voor de eventuele bestelautoproblematiek. Verder zal nog worden gekeken naar de problematiek van werknemers in de ambulante sector, zoals de thuiszorg en de bouw. Uitwerking daarvan zal waarschijnlijk worden opgenomen in het wetsvoorstel Belastingplan 2013 dat op Prinsjesdag aan de Tweede Kamer wordt aangeboden.

Bron: Auto en Fiscus